Somberheid onder jongvolwassenen is niet altijd herkenbaar. Iemand kan studeren, werken en contact hebben met anderen, terwijl interesse, energie en motivatie langzaam afnemen. De eerste signalen zijn bovendien niet altijd gevoelens van verdriet. Ook minder plezier beleven aan activiteiten, vermoeidheid, uitstelgedrag en zich terugtrekken kunnen erop wijzen dat het mentaal minder goed gaat. Vanuit die opgave is onderzocht welke rol kunst en cultuur kunnen spelen bij het eerder herkennen van deze veranderingen en het omgaan met sombere gevoelens.

Het doel van de opdracht was te onderzoeken hoe een op maat gemaakte Miles-oplossing jongvolwassenen kan ondersteunen bij het herkennen van vroege signalen van emotionele belasting en het reguleren van hun emoties in het dagelijks leven. Kunst en cultuur moesten daarbij een betekenisvolle rol krijgen. Het uitgangspunt van Miles is dat ondersteuning niet pas wordt aangeboden wanneer iemand zich al veel slechter voelt, maar juist eerder en op een manier die de eigen regie ondersteunt.

De onderzoeken richtten zich op jongvolwassenen van ongeveer 18 tot 25 jaar die sombere of depressieve gevoelens ervaren. Daarbij keken de studenten onder meer naar wat er gebeurt voordat iemand zich duidelijk slechter voelt, welke activiteiten jongeren zelf gebruiken om met hun gevoelens om te gaan en welke ondersteuning op zo’n moment wel of juist niet prettig voelt. Binnen de onderzoeken lagen verschillende accenten, bijvoorbeeld op studerende of werkende jongvolwassenen en op situaties waarin stress, somberheid of overprikkeling ontstaat.

Het onderzoek is uitgevoerd door zeven UX Design-studenten van De Haagse Hogeschool in opdracht van Stichting Bestaanskracht. Zij werkten vanuit één gedeelde opdracht, maar onderzochten ieder een eigen invalshoek en ontwikkelden concepten en prototypes. Daarbij gebruikten zij onder meer literatuuronderzoek, interviews, vragenlijsten, dagboekonderzoek, creatieve onderzoeksmethoden en gebruikerstesten. Zo ontstonden verschillende oplossingen voor hetzelfde vraagstuk.

De resultaten laten een duidelijk terugkerend beeld zien. Ondersteuning moet eenvoudig, persoonlijk en laagdrempelig zijn. Wanneer iemand zich erg somber voelt, kunnen energie en motivatie zo laag zijn dat zelfs activiteiten die normaal helpen te veel moeite kosten. Jongvolwassenen kiezen dan vaak voor iets dat direct beschikbaar en vertrouwd is. Bekende activiteiten kunnen houvast bieden, terwijl iets nieuws juist extra belastend kan zijn.

Kunst en cultuur blijken daarbij verschillende rollen te kunnen vervullen. Muziek, tekenen, schrijven, film, wandelen en andere creatieve activiteiten kunnen afleiding en ontspanning bieden en helpen om gevoelens te uiten. Wat helpt, verschilt per persoon en per moment. Persoonlijke voorkeuren, beschikbare energie en de omgeving spelen daarbij een belangrijke rol. Ook kan samen iets doen extra waarde hebben doordat de activiteit en het sociale contact elkaar versterken.

Voor Miles levert dit verschillende mogelijke ontwikkelrichtingen op. De onderzochte oplossingen richten zich onder meer op laagdrempelige ondersteuning op moeilijke momenten, het aanbieden van muziek of creatieve activiteiten en het herkennen van veranderingen in stemming. Ook is onderzocht hoe Miles kan helpen om passende culturele activiteiten te vinden of eenvoudig contact met anderen mogelijk te maken. Daarbij blijft belangrijk dat de gebruiker zelf kan bepalen welke ondersteuning op welk moment prettig is.

De onderzoeksresultaten wijzen daarmee op mogelijkheden om Miles verder te ontwikkelen als een persoonlijke en laagdrempelige vorm van ondersteuning. Daarbij moeten keuzevrijheid en personalisatie centraal blijven staan. De ontwikkelde concepten zijn nog geen bewezen oplossing voor somberheid of depressieve gevoelens. Verdere ontwikkeling en toetsing met grotere groepen jongvolwassenen zijn nodig.

Daarmee vormt het onderzoek geen eindpunt. De volgende stap is om kansrijke ideeën verder uit te werken en samen met jongvolwassenen te onderzoeken wat in de praktijk daadwerkelijk helpt.

Wil je meer weten, meedenken of meedoen aan vervolgonderzoek en praktijktesten? Neem dan contact met ons op via het contactformulier.

Deze opdracht is uitgevoerd door de volgende studenten: Urtė Gedvilaitė, Charlotte Kwok, Oliwia Motyl, Sophie Müting, Krisztina Rumszauer, Miranda Serrano Franco en Ellie Tran.